Zorgen D66 over uitkeringen: terecht of niet?

10-07-2019 Politiek Redactie

VLAARDINGEN - Er is een licht stijgende trend zichtbaar in het aantal uitkeringen in Vlaardingen terwijl dit binnen Maassluis en Schiedam juist zakt. De ambitie eerder dit jaar was om het aantal uitkeringen te laten dalen met 6%. D66 maakt zich hier zorgen over en heeft het college gevraagd of ze wil onderzoeken wat hiervan de reden is. Hoe zit het nou precies?

In totaal worden er in Maassluis, Vlaardingen en Schiedam 5670 uitkeringen verstrekt via Stroomopwaarts. Dat is althans de stand per 30 juni van dit jaar. De meeste in Schiedam (2447) en de minste in Maassluis (795) en Vlaardingen zit daarbij net iets lager dan Schiedam (2428). Nou is Vlaardingen iets kleiner dan Schiedam, maar Maassluis is de helft kleiner dan Vlaardingen, dus je kunt niet volhouden dat de verschillen tussen Vlaardingen en Schiedam vooral te maken hebben met het aantal mensen dat er woont.

Van januari tot 30 juni zijn er in Schiedam iets meer mensen van 21-27 jaar met een uitkering en in Vlaardingen iets minder. Waar het gaat om mensen tot 21 jaar is juist in Vlaardingen er weer een stijging en in Schiedam een daling. En als je ook nog eens kijkt naar het soort uitkeringen dan zie je ook in Vlaardingen de grootste stijging van de aanvullende bijstandsuitkering voor ondernemers (BBZ); dat zijn overigens doorgaans geen ‘volledige’  uitkeringen maar aanvullingen op het inkomen. Daarnaast is er in Vlaardingen een stijging van bijzondere uitkeringen voor 50plussers (IOAW uitkering).

Kortom, je kunt sowieso heel moeilijk vergelijkingen maken tussen de verschillende steden. Hoeveel Vlaardingers met een uitkering zijn er bijvoorbeeld bijgekomen de afgelopen maanden die in Schiedam werkten? Waarbij het ontslag in Schiedam ‘viel’? En dan hebben we ook nog de seizoensinvloeden en veel andere variabelen.

Hoe hoog is de stijging nou precies? In Vlaardingen is het totaal aantal uitkeringen van januari tot nu gestegen en gedaald, waarbij er in maart en april de grootste dalingen waren en in mei en juni weer stijgingen. Maar het stijgingspercentage in juni ten opzichte van januari was minder dan 0,5%. Als je dan kijkt naar de verschillen per maand, de leeftijdsgroepen, de doelgroepen en de verschillende soorten uitkeringen dan kun je feitelijk niets bijzonders constateren. Behalve dan dat de ambitie van een daling met 6% nog niet gehaald is. Maar er is nog een half jaar te gaan.

 

 

 

Gerelateerd